Atelierbezoek bij…  Imara Reuling 

jul 30, 2026 | Interviews

‘Ik hou ervan als vormen in elkaar overvloeien’

De gecreëerde werelden van Imara Reuling doen denken aan sciencefiction. Aan de ene kant ogen ze als herkenbare landschappen, aan de andere kant lijken ze buitenaards. In haar beelden, tekeningen en wandobjecten spelen thema’s als verbinding, groei en transformatie een grote rol. “Alles is met elkaar verweven in het leven, dat wil ik laten zien.”

Haar atelier bevindt zich in Het Hoofdkantoor in de Waarderpolder. Bij binnenkomst is het alsof je een andere wereld betreedt. Grote boomachtige sculpturen reiken tot aan het plafond, de wandvullende zwart-wit foto’s en tekening lijken in elkaar over te gaan, met elkaar vormen ze één geheel. De werken roepen associaties op met lichamen, wortelstructuren, landschappen, micro-organismen of onbekende ecosystemen.

‘Mijn werk is grenzeloos, er is geen begin of einde’

Imara studeerde in 2004 af aan de Koninklijke Academie voor Beeldende Kunsten in Den Haag. Haar werk is een samenvoeging van verschillende kunstdisciplines. Ze combineert sculpturen, foto’s en tekeningen. De kunstenaar creëert organische werelden waarin ruimtelijke vormen, lijnen en geconstrueerde elementen met elkaar versmelten. “Hoewel mijn werken abstract zijn, zie ik ze als tijdelijke werelden waarin het natuurlijke, het kunstmatige, het fysieke en het imaginaire in elkaar overlopen. Binnen die werelden onderzoek ik hoe beelden kunnen groeien, zich door de ruimte verspreiden en tot leven lijken te komen.”

De kunstenaar werkt naar aanleiding van een idee en maakt daar een schets van. Tijdens het schetsen laat ze het concept intuïtief verder ontstaan alsof het beeld zichzelf ontwikkelt. “Ik grijp natuurlijk wel in als het werk niet verbeeldt wat ik in gedachten heb of esthetisch niet klopt.” Als houvast maakt ze eerst het werk in het klein. Imara pakt ter demonstratie een mini-beeldje uit een vitrinekast vol met dit soort werkjes. “Daarna begint het bouwen op ware grootte.” Op haar werktafel staat een beeld in ontwikkeling van gaas met daaroverheen papiermarche met polyester en glasvezel.

Natuur als inspiratie

Ze bouwt driedimensionale werelden die ze vervolgens fotografeert en verwerkt in een ruimtelijk object. De grens tussen twee- en driedimensionaal vervaagt. “Ik vind het spannend hoe deze vormen in elkaar overvloeien en één geheel worden. Een afbeelding lijkt een sculptuur te vormen, terwijl een sculptuur tegelijkertijd als een tekening of landschap kan aanvoelen. Ik creëer nieuwe werelden die levend ogen. Wat je ziet is gelijk aan de natuur: het stroomt, beweegt en verandert continu. Alles is met elkaar verweven en beïnvloedt elkaar. Mijn vormen zijn ook organisch. Ze vertakken zich, groeien en vervloeien, niets staat op zichzelf in mijn werk. De natuur is een grote inspiratiebron voor mij, evenals systemen die doen denken aan architectuur of andere geconstrueerde werelden.”

Imara wijst op een object aan de muur. De driedimensionaal organisch gevormde lijst omvat een tweedimensionale foto van een driedimensionale scene die ze zelf heeft gebouwd. “In die wandobjecten kun je goed zien hoe al die verschillende kunstdisciplines samenkomen. Ik zet ontzettend veel stappen in mijn werk. Het is behoorlijk tijdrovend om te maken.”

‘Ik creëer nieuwe werelden die levend ogen’

De gecreëerde werelden van de kunstenaar lijken buitenaards. Aan de ene kant ogen ze als herkenbare landschappen, aan de andere kant is het net sciencefiction. In veel van haar werken zit diepte. “Je kunt erin verdwijnen. Voor sommige toeschouwers voelt mijn werk dan ook unheimisch. Iedereen mag zelf invullen wat diegene erbij ervaart. Voor mij is het de natuur, het zijn microkosmossen. Mijn werk gaat over energie. Dat klinkt misschien wat spiritueel, maar alles is in energie met elkaar verbonden en beïnvloedt elkaar. Ik vind dat een interessant gegeven en probeer het te laten zien in mijn werk.”

Fysieke ervaring

Imara exposeert ook met installaties waarin ze grote beelden, tekeningen en foto’s combineert. “Tijdens een tentoonstelling had ik op de achterwand een zwart-wit print van drie meter breed opgehangen. Onderdelen van de enorme sculpturen en deze print had ik door geschilderd op de vloer en de muren. Alles liep in elkaar over. In sommige beelden had ik een foto van een van mijn werelden geplaatst alsof daar ook weer een microkosmos actief was.

Tijdens het maken was ik gefascineerd door het idee dat lijnen zich niet hoeven te beperken tot papier of een oppervlak, maar een complete ruimte kunnen vormgeven. Het voelde als één groeiend organisme. Ik wilde de kijker de fysieke ervaring geven om letterlijk in mijn wereld te stappen. Ik vind het spannend als je bijna niet meer ziet waar het werk stopt. De buitenrand gaat over in de binnenkant en andersom, je wordt er helemaal in meegenomen. Mijn werk is grenzeloos, er is geen begin en geen einde.”

De kunstenaar loopt naar een werk aan de muur. Het is een van haar nieuwste objecten. Ze is aan het experimenteren met bol glas voor haar wandobjecten. “Ik onderzoek in dit werk opnieuw de overgang tussen sculptuur en fotografie. Dat boeit me. Het lijkt alsof delen van de foto overgaan in de organische structuur. De vormen willen uitbreken en verder de ruimte in bewegen, maar het glas zit er voor. Door de glazen bol ontstaat een bijzondere spanning, het werk lijkt beschermd en tegelijk opgesloten.”

Inzoomen

In haar recentere werk laat Imara eventuele herkenbare elementen als lucht, bodem, voorgrond en achtergrond los. Het lijkt alsof ze inzoomt. “Ik vind het spannend om details uit de werelden die ik creëer uit te vergroten. Het voelt voor mij als een volgende stap in mijn kunstenaarschap. Deze werken gaan nog meer over de energie die alles en iedereen verbindt. Het zou mooi zijn als ik toeschouwers daar via mijn werk iets van kan meegeven. Ik werk vanuit mijn gedachtes, inspiratie en gevoel, en zoek steeds naar een balans tussen controle en intuïtie. Enerzijds bouw ik mijn werken zorgvuldig op, anderzijds laat ik vormen ook organisch en intuïtief ontstaan tijdens het maken. Daardoor blijven de werken voortdurend in beweging en ontwikkeling.”

De kunstenaar maakt momenteel minder gebruik van kleur. Ze werkt veel met zwart-wit en grijstinten. “Bij een grote installatie of tekening lopen de verschillende elementen dan nog vloeiender in elkaar over. Het lijnenspel krijgt meer nadruk. Dat lukt minder goed met kleur. In zwart-wit kan ik ook vaak directer verbeelden wat ik voel. Door maar enkele kleuren te gebruiken ligt de aandacht volledig op contour, ritme en ruimtelijkheid. Licht en schaduw zijn onderdeel van het werk, waardoor de vorm voortdurend verandert afhankelijk van waar je staat.”

Transformatie en kwetsbaarheid

Aan de wand hangt ook een spierwit sculpturaal object met de titel ‘Een ontluikend zaadje’. Het is een totaal ander werk dan de meeste beelden in haar atelier. Uit de onderkant steken wortelachtige takken, aan de bovenkant komen bloemen tevoorschijn. Imara noemt het een verstild wandobject. “Voor mij gaat dit werk over groei, transformatie en kwetsbaarheid. Zonder toevoegingen is het vooral een abstracte vorm, maar door de bloemen en de wortelachtige structuren ontstaat er iets levends. Ik vind de spanning interessant tussen het strakke, witte object en de natuurlijke elementen, alsof het werk zich vanuit een innerlijke energie langzaam ontwikkelt.”

‘Ik combineer graag twee- en driedimensionale werken’

In diezelfde stijl hangt nog een werk aan de muur. Van abstract gaat het object over in een kelkachtige vorm. “In mijn eerdere werk verbeeldde ik meer de drukke wereld. In deze verstilde werken valt veel weg, ze voelen compacter. Ik heb alle overvloed teruggebracht naar één enkele beweging of kernvorm. Er zit meer rust in. Door het gebrek aan een lijnenspel gaat alle aandacht naar de witte vorm en de schaduwwerking. Waar mijn andere objecten vaak organisch groeien en zich uitbreiden, lijkt deze vorm zich juist los te maken van iets vasts. Het bevindt zich in een overgangstoestand tussen verstarring en beweging, alsof een vaste constructie langzaam vloeibaar wordt. Heel intrigerend. Het object oogt architectonisch, muzikaal en lichamelijk tegelijk.”

“Ik wil niet zeggen dat mijn eerdere werken te druk zijn en vol met ruis. Ik maak dat soort objecten nog steeds. De werken bestaan naast elkaar. Het is een spannend proces om nu eens veel weg te laten. Het geeft de toeschouwer een nieuwe ervaring. Voor mij is het een andere manier om te verbeelden wat ik voel. Ik ben er blij mee.“

 

Tekst: Meta van der Meijden
Fotografie: Christhilde Klein

 

Dit interview is ook gepubliceerd in HRLM nummer 104